Geplaatst door: 
Verhaal

30 januari 1825 - Over de grenzen gebragt

Auteur: 
Helmuth Rijnhart

Het bedelaarsgesticht op Ommerschans bestaat nog maar 2 jaar en Nicolaas Wessels zit hier al voor de tweede maal. Ik sluit niet uit dat hij de eerste is in een lange rij van kolonisten die 2 tot meer dan 10 maal op de Schans verblijven. Voor Nicolaas is dat record niet weggelegd, want hij wordt vandaag over de grens gezet!


Het etablissement voor Bedelaars te Ommerschans is in de zomer van 1822 gebouwd. Op 8 september worden de eerste bedelaar-kolonisten ingeschreven. Het gebouw is dan nog niet opgeleverd.

Nicolaas Wessels is op 25 juli 1823 ingeschreven onder Hoofdelijk Nummer 930. Hij komt met een transport van 82 bedelaars uit het werkhuis te Hoorn. Volgens het inschrijvingsregister moet hij in 1795 geboren zijn in een plaats met de naam Offenwal.
Ik heb tot nu toe geen aanwijzing gevonden waar Offenwal kan liggen. Uit andere documenten, die we zodadelijk bekijken, blijkt dat het in de omgeving van Bremen moet liggen.

5 voet 2 palm

In het signalement zien we dat Nicolaas Wessels een lengte heeft van 5 voet en 2 palm. De vertaling naar een lengte in centimeters is niet zomaar te maken. In 1820 is in Nederland een nieuw lengtestelsel ingevoerd en daarin is de palm op 10 cm gesteld. Daarvoor was er de kleine palm (3 cm) en de grote palm (ruim 9 cm). De voet (ruim 30 cm) komt in het stelsel van 1820 niet voor. Bij de tweede inschrijving van Nicolaas zien we dat hij hij 5 voet en 2 duim lang is. Voor wie aan de slag gaat met de lengtes in de inschrijvingsregisters: uitgebreid vooronderzoek lijkt me wel noodzakelijk om tot een eenduidige vertaling te komen.

Ontslag

In het inschrijvingsregister zien we dat Nicolaas op 22 oktober 1824 ontslag heeft gekregen. Op die datum is de eerste grote groep bedelaar-kolonisten -132 personen- in vrijheid gesteld. Als het goed is dan hebben ze hun ontslag "verdiend".

De regels zijn als volgt: Elke bedelaar moet minimaal 1 gulden en 27 cent per week verdienen. Wat ie daar voor moet doen hangt af van waar hij of zij wordt ingezet. Maar ga er maar van uit dat je daarvoor 6 dagen flink moet aanpakken. Van dat bedrag wordt 91 cent ingehouden voor kost en inwoning en wordt voor 36 cent aan winkelkaartjes uitgekeerd, waarmee eten of spullen kunnen worden gekocht in de koloniewinkel.

Als een kolonist meer verdient dan het minimum, dan wordt het meerdere in 3 gelijke porties verdeeld: 1/3 wordt uitgekeerd in extra winkelkaartjes, 1/3 gaat naar de Maatschappij en 1/3 wordt genoteerd als krediet. De kolonist moet 25 gulden aan krediet hebben om ontslag te mogen aanvragen en krijgt dan bij vertrek zijn krediet uitbetaald in echt geld.

In de voorbereiding op deze ontslagronde is een overzicht gemaakt -binnen de Maatschappij heten die Nominatieve Staat- waarin per kolonist is becijferd wat zijn overdienste is. Dat overzicht vinden we in de Post van Weldadigheid: de ingekomen post van de Permanente Comissie.
We zien dat Wessels, met hoofdelijk nummer 930, onder aan deze bladzijde is weergegeven. Hij voldoet netjes aan de eis dat hij meer dan 25 gulden aan oververdienste heeft. Verder zien we dat zijn gedrag wordt getypeerd als "vlijtig en stil". Dat ziet er uit als een ideale werknemer. Opvallend is dat hij in het overzicht de voorletter D. heeft. Gelet op het hoofdelijk nummer lijkt een misverstand over de identiteit niet waarschijnlijk.

Recidive

Wessels geniet niet lang van zijn vrijheid. Het is de vraag of hij z'n 25 guldens en 97 en een halve cent verantwoord heeft besteed. Heeft hij ooit zoveel geld in handen gehad? Er zijn genoeg lieden die weten dat ontslagen kolonisten een leuke som op zak hebben en dat het niet heel veel moeite kost om de hen er toe te verleiden dat geld te besteden. En zo wordt Nicolaas Wessels een maand later, op 21 november, al weer ingeschreven in de Ommerschans, opgezonden vanuit de gemeente Assen.
We zien hier in het signalement dat de aanduiding Palm is gewijzigd in duim.

Over de Grenzen van dit Rijk

In de rechter kolom lezen we het volgende:

Gerequireerd door den Heere Staatsraad administrateur voor het armenweezen en der Gevangenissen, in dd 14 jan.y 1825 en verder door Heeren Gedeputeerde Staten der Provincie Drenthe, in dato 23 Jan. 1825 om over de Grenzen van dit Rijk te worden getransporteerd.

In de Post van Weldadigheid vinden we de bedoelde documenten.
Ministerie van Binnenlandsche Zaken, Onderwijs en Waterstaat
Armwezen en Gevangenissen, No 16

's Gravenhage den 14 Januarij 1825

In antwoord op UwelEdg missive van den 8e Januarij 1825 No 840 heb ik de eer dezelve te informeren dat ik den Gouverneur van Drenthe heb verzocht de nodige maatregelen te neme tot het over de grenzen brengen van den Colonist Nicolaas Wessels.
UwelEdelen gelieve alzoo dezen persoon te laten volgen aan hem of hun, die hem, ten voorschreven einde, aan de Ommerschans zullen reclameren.

De Staatsraad, Administrateur voor het armwezen en de gevangenissen.

Aan de Permanente Commissie der Maatschappij van Weldadigheid te 's Gravenhage.
Copij No 5
Assen, 23 Januarij 1825

De Gouverneur der Provincie Drenthe, gelezen den brief van den Staatsraad administrateur voor het armenweezen en de Gevangenissen dato 14 Jan.ij 1825 No 16, beantwoordende den onzen van 22 Novemb. 1824 No 4.
Herzien de betrekkelijke retroacta gelet op de circulaire van gedeputeerde Staten dato 19 Meij 1824 No 3.

Besluit Art. 1
Den Schout van Zuidwolde aanteschrijven, den gemeentelijken veldwachter te gelasten, om onverwijld zich te begeeven, naar de Ommerschans, en, bij de Direktie van het Gesticht aldaar op te vragen en overteneemen den Persoon van Nicolaas Wessels, te Offenwall bij Breemen geboren, 20 November 1824 uit hoofde van bedelarij te Assen aangehouden, en van daar verkeerdelijk naar het Etablissement opgezonden, teineinde door hem naar Ommen te worden geleid.

De Veldwachter te Zuidwoldegeleid,
entegen afgifte van bewijs, aande regeering dier gemeente overgeleeverd, om daarna door haar of door meede tussenkomst van die der gemeente Hardenbergh, ingevolge de bestaande generale verordeningen overde grenzen van het Rijk te worden gebragt; zullende wegens het verrigte eentoeverlatig verslag bij ons worden ingewacht.

Art.2 enz.
Afschrift deezer Art.1 uittevaardigen in duplo aan den Schout voornoemd, ten fine voormeld. En om het dubbeld aan den veldwachter uittereiken teneinde hem te strekken tot justificatoire ordannantie, voorts aan de Regeering er stad Ommen (doorgehaald), Assen ten vervolge onzer resolutie van 22 Novbr ll No.4 tot narigt.

De Gouverneur voornoemd
(wgt) P. van Hofsteede
voor gelijk aan 't origineele
De Adjt Direkteur der kolonie
(get.) J.V. Harloff


Deze laatst brief is dus gekopieerd door Jacob Vertraugoth Harloff, adjunct directeur van de Ommerschans en naar de Permanente Commissie gestuurd. De gouverneur van Drenthe is Petrus Hofsteede.

Ik maak op uit de laatste brief dat Nicolaas Wessels op 20 november te Assen is aangehouden. Hij moet onmiddellijk naar de Ommerschans zijn gezonden, want daar is hij de 21e ingeschreven. En een dag later krijgen de autoriteiten in Assen spijt van die overhaaste actie, omdat ze in strijd lijkt te zijn met een eerdere afspraak. Daarop wordt de procedure gestart die er toe leidt dat vandaag, 30 januari 1825, colonist Wessels door de veldwachter van Zuidwolde wordt afgehaald. Wessels moet daarop via Ommen en Hardenberg bij Venebrugge over de grens worden gezet.  

Opvallend is dat deze procedure meer dan 2 maanden in beslag neemt. De bureaucratie in het jonge Koninkrijk der Nederlanden lijkt al stevig verankert.

Wessels is op 30 januari 1825 uitgeschreven. Maar daarmee is de kous nog niet af. In zijn brief van 7 februari 1825 komt dIrecteur der Kolonien Wouter Visser nog terug op deze affaire.

Eindelijk heb ik de eer hier bij overteleggen kopie van een besluit des Heeren Gouverneurs van Drenthe, houdende order tot afhalen aan de Ommerschans; transporteren over de grenzen van Nicolaas Wessels, zeker dezelfde als door de Perm. Kommissie bij haar bovenaangehaalde missive bedoeld met kennisgeving dat den Heer Harloff, hoe wel onzeker hoedanig te moeten handelen, die persoon, gisteren die order heeft laten volgen, zonder daartoe authorisatie van de Direktie der kolonien te hebben ontvangen. Ik neem de vrijheid de Perm. Kommissie te verzoeken mij wel te willen informeren hoedanig wij ons voortaan in dergelijke omstandigheden zullen behoren te gedragen.

Kennelijk heeft Adjuct Direkteur Harloff (de hoogste in rang op de Ommerschans) uit de missive van het ministerie van 14 januari begrepen dat het transport van Wessels zou moeten worden gevolgd tot aan de grens en aangezien het niet duidelijk was wie die taak zou moeten invullen heeft hij de verantwoordelijk hiervoor genomen.

Ik heb geen aanwijzingen gevonden dat Nicolaas Wessels later opnieuw in Nederland is gesignaleerd. Zijn genealogische kaart ziet er daarom erg kaal uit: geen grootouders, geen andere gegevens van zijn ouders dan hun namen en geen nageslacht. Wel zien we dat hij in diverse bronnen voorkomt, die allemaal vanaf de kaart direct zijn in te zien.

bedelaars database Wil Schackmann

Nadat ik dit verhaal geschreven heb, zag ik dat ook Wil Schackmann een groot deel van dit relaas over Nicolaas Wessels heeft gepubliceerd in zijn kolonistendatabase. Graag geef ik hem dan ook alle credits voor al zijn speurwerk de afgelopen 25 jaar in de archieven van de Maatschappij van Weldadigheid.

Reacties