Geplaatst door: 
Verhaal

5 februari 1841 - Drie dagen opsluiting zonder meer

Auteur: 
Helmuth Rijnhart

De archieven van de Maatschappij van Weldadigheid leren ons veel over de Nederlandse Taal. Vandaag krijgt kolonist Simon Tjalkens straf omdat hij timmermansgereedschap heeft ontvreemd uit de timmerwerkplaats. Hij krijgt drie dagen opsluiting zonder meer. Zonder meer betekent in 1841 gewoon wat er staat: geen boeijen, geen water en brood. Gewoon: zonder meer.

De zaterdag is nog steeds de favoriete vergaderdag voor de Raad van Tucht te Ommerschans.
Extract uit het Register der Notulen van het verhandelde in den Raad van Tucht te Ommerschans.
Zitting van Zaturdag den 5e Februarij 1841.
Alle de Leden zijn tegenwoordig, de President opend de Vergadering.
Wordt voor den zelven gebragt de kolonist Simon Talkens No 1551, schuldig aan het mede nemen van gereedschappen uit de timmerloots, buiten voor kennis van den Opziener. den Schuldigen geeft te kennen dat hij eenig gereedschap had mede genomen om er s' avonds voor zich zelve een tabakskisje mede te maken.
Men laat hem aftreeden.
Gezien Art. 9 van het Reglement van Tucht, luidende als volgt.
"Alle ongehoorzaamheid jegens den Koloniale Ambtenaren zal met verplaatsing in de disciplinezaal van drie tot acht dagen worden gestraft en indien dezelve met brutaliteit gepaard gegaan is met opsluiting tot denzelfden tijd in de provoost".
De Raad besluit hem te straffen met drie dagen opsluiting zonder meer.

Simon Tjalkens is de jongste zoon van timmerman, later bleeker, Goossen Tjalkens. Hij is geboren in de stad Groningen op 23 januari 1819. Zijn moeder verdient een paar cent bij als bleekster. Een paar dagen na Simon's 8e verjaardag overlijdt zijn vader. Zijn moeder moet nu alleen de kost verdienen, ongetwijfeld ondersteund door Simon's oudste broer, Tjalke, die inmiddels 18 jaar oud is.

Simon leert ook het vak van timmerman. Hij trouwt op 6 januari 1839 met de drie jaar oudere Zwaantje de Jonge, dochter van koopmansbediende, later winkelier, Jan Reinders de Jonge.

Naar Ommerschans

Wat er daarna fout is gegaan, dat is mij nog niet duidelijk. Wat opvalt is dat het eerste kind van Simon en Zwaantje pas in 1843 geboren is, na ruim 4 jaar huwelijk. Wellicht zijn er één of meerdere miskramen geweest, maar dat is speculatie. In elk geval vinden we Simon Tjalkens in de Ommerschans, ingeschreven op 17 november 1840, vanuit Assen opgezonden. Zijn vrouw vind ik niet in de inschrijfregisters (in deze periode vinden we regelmatig echtparen en complete gezinnen op de Schans).

Ik hoop dat de provinciale archieven zo snel mogelijk een voorbeeld nemen aan Friesland en Noord-Brabant en de vonnissen van de rechtbanken digitaliseren en online zetten. Dan kunnen we geschiedenissen zoals deze veel beter duiden.

Vandaag, 5 februari 1841, zit Simon dus elf weken op de Schans. Uit de notulen van de Raad maken we op dat hij te werk is gesteld in de timmerwerkplaats op de Schans. Daar zal hij onder toezicht zijn gesteld van timmerbaas Luitje Jans Stobbe, die deze functie bekleed tot aan zijn overlijden in 1845. Simon krijgt de lichtst denkbare straf voor zijn vergrijp. Natuurlijk moet de Raad een voorbeeld stellen en kan het voorval niet ongestraft blijven. Maar gelet op de straf tilt de Raad niet al te zwaar aan deze zaak. 

Naar Veenhuizen

Op 29 mei 1841 is Simon Tjalkens overgebracht naar Veenhuizen. Daaraan kunnen we (nog) geen betekenis hechten: ik heb nog geen patroon kunnen ontdekken in het beleid op het doorzenden van kolonisten. Wellicht gaat dat beeld komen zodra we alle registers gedigitaliseerd hebben en gekoppeld, opdat we statistiek los kunnen laten op de bewegingen van de kolonisten.

Vervolgens zien we dat Simon op 7 februari 1842 wordt ontslagen. Terug naar Groningen. Vier maanden later is zijn vrouw zwanger en op 23 februari 1843 bevalt ze van dochter Anna.
Voor zover ik kon nagaan blijft het bij één kind, dat opgroeit en volwassen wordt.

Het meisje met de zwavelstokjes

Wie kent niet het sprookje van Hans Christiaan Andersen over het meisje dat in de vrieskou overlijdt met op het netvlies de visioenen die ze krijgt in het schijnsel van haar koopwaar: de zwavelstokjes. Nooit kwam ik de zwavelstokjes tegen in een beroep, tot vandaag.
Zwaantje de Jonge, de nog maar 34-jarige echtgenote van onze Simon Tjalkens, woonachtig te Groningen, overlijdt te Middelstum. Haar beroep is Zwavelstok Verkoopster. Het is zeker dat ze niet is doodgevroren, want haar overlijdensdatum is 6 juli. In de wetenschap dat Middelstum bijna 20 km van Groningen ligt, mogen we concluderen dat Zwaantje probeerde de kost te verdienen in de ambulante handel, een aanwijzing dat Simon er niet in slaagde als timmermansknecht voldoende brood op de plank te krijgen.

de geur van zwavel en vis

Dat Zwaantje zo jong overlijdt, is natuurlijk verschrikkelijk. Maar wat haar overlijden zo van een afstand extra navrant maakt, is dat Simon slechts tachtig dagan na het overlijden van zijn vrouw hertrouwt met de 27-jarige vischvrouw Geertruda Lucas.
Simon en Geertruda krijgen samen vier kinderen, waarvan één levenloos geboren kind en waarvan er twee jong overlijden. Alleen dochter Geessien wordt volwassen.

In 1867 trouwt dochter Anna, uit Simon's eerste huwelijk, te Leeuwarden met Andries Dijkstra. Simon is niet bij het huwelijk aanwezig: hij geeft zijn toestemming bij notariele acte. Het is het laatste stuk dat ik tot nu toe van hem vond.
Op 1 mei 1872 is Simon Tjalkens te Groningen overleden in het academisch ziekenhuis. We lezen in de acte dat hij woonde in de Ruiterstraat, hartje stad.
Ook dochter Geessien is gehuwd. Beide dochters hebben voor zover ik kan nagaan geen nageslacht gekregen, zodat we kunnen concluderen dat er geen wettige nakomelingen van Simon rondlopen. We zullen er waarschijnlijk nooit achter komen of zijn tabakskist van Ommerschans nog ergens rond zwerft.

Reacties